Zinkfabriek Lommel Werkplaatsen

De zinkfabriek te Lommel Werkplaatsen werd opgericht door de gebroeders Schulte, die ook een soortgelijke fabriek te Overpelt bezaten.

Het bedrijf, dat bekendstond als de Société métallurgique de Lommel, bezat een stuk heidegrond van 300 ha.

De fabriek bestond uit de volgende afdelingen:

  • een roosterij van zinkerts
  • een ruwzinkfabriek
  • een zwavelzuurfabriek
  • een moffelfabriek
  • een wasserij
  • een installatie voor het verrijken van het -koper en lood bevattende- residu van de zinkovens
  • een laboratorium.

en had een zeer goede infrastructuur:

  • het Kempens kanaal
  • een eigen los- en laadkade
  • een eigen spoorlijn (verbinding met het openbaar spoor Antwerpen – München Gladbach).

Het bedrijf werd vrijwel geheel door Duitsers geleid en produceerde, evenals het zusterbedrijf te Overpelt, vooral ten behoeve van het Ruhrgebied.

De directie, het kader en het administratief personeel waren tot de eerste Wereldoorlog vrijwel geheel afkomstig uit Duitsland.

De arbeiders werden gerecruteerd uit de lokale bevolking.

Historiek

1904: oprichting van de fabriek

1905 – 1909: bouw van een arbeiderswijk of tuinwijk, bestaande uit 40 arbeiderswoningen.

Het nieuwe dorp lag op nauwelijks één km ten zuiden van de fabriek, meestal buiten bereik van de luchtverontreiniging en de hinderlijke geuren van het bedrijf.

Door de wijk liepen rechte straten, grotendeels zo georiënteerd, dat de woningen aan twee zijden door de zon werden beschenen en goed geventileerd konden worden.

De afstand tussen de huizen aan weerszij van de straat bedroeg minimaal 12,5 meter. Daardoor werd de aanleg van voortuintjes mogelijk, wat aan de cité de aanblik van een tuinwijk gaf. Ieder losstaand of dubbel woonhuis had daarenboven een stukje grond waarop de arbeiders groenten konden telen voor eigen gebruik. Bij elk huis hoorde een waterput.

 

1907: bouw van een klein ziekenhuis met kapel, en een nieuwe school.

1909: de wijk telde 217 bewoners.

1910: bouw van de kerk.

1912: bouw van een feestzaal – casino.

1913:  er stonden vier woningen voor de fabrieksdirectie, dertien voor het kader, telkens losstaand en ruimer uitgebouwd, en tweenvijftig voor de arbeiders.

Uiteindelijk werden 160 woningen gebouwd.

Ingenieursvilla

1913: fusie met de oudere fabriek van Overpelt (Compagnie des Métaux d’Overpelt-Lommel).

1928: inlijving van de Société Métallurgique de Corphalie te Corphalie, waarop de Metaalfabrieken van Overpelt-Lommel en Corphalie ontstonden.

1944: de fabriek werd door de geallieerden gebombardeerd. Herstel volgde en de fabriek ging verder met de productie en voerde nog enkele bescheiden moderniseringen door.

1957:  oprichting van een moderne zwavelzuurfabriek in Overpelt.

De zwavelzuurproductie en de wasserij in Lommel Werkplaatsen worden stilgelegd.

1969:  enkel de zinkovens en de moffelfabriek waren nog in bedrijf. Er werkten er nog 344 mensen.

1969: fusie met het metallurgisch bedrijf te Hoboken (Metallurgie Hoboken-Overpelt).

Verdere afbouw van het Lommelse bedrijf.

1973:  de zinkovens werden voor de laatste maal geladen.

Sindsdien vond de productie in Overpelt plaats, volgens het elektrolytisch procedé.

1974:  progressieve afbouw en sloping van de zinkfabriek.

Later volgde de sanering van het zwaar verontreinigde terrein door Sibelco, dat in ruil daarvoor een concessie kreeg voor zilverzandwinning.

Bronnen

Wikipedia

Onroerend Erfgoed

Zinkfabriek Lommel